doe er ZELF wat aan

ergoYOU 

 

Van bio-mechanica naar bio+mechanica


Sport

Veel biomechanische theorie is afkomstig uit de sportwereld.
Dat is verraderlijk, want in die sportwereld gaat het primair om de vraag: Hoe krijg je een topatleet 0,1 seconde (tegenwoordig zelfs 0,01 seconde) eerder over de finish?

Als zo'n topatleet na een paar jaar grote problemen krijgt met zijn of haar enkels, knieën, heupen, rug of noem maar op, dan komt er gewoon weer een nieuwe.

Waar (en hoe!) die oude blijft vraagt bijna niemand zich af.


WAO

Schrijver dezes heeft zijn biomechanische kennis opgedaan als staf-medewerker bij de Gemeenschappelijke Medische Dienst, de Dienst die tot 1993 voor alle Nederlandse werknemers wettelijk verplicht advies gaf ten aanzien van eventuele arbeids(on)geschiktheid.        

Bij de GMD ging het niet om topsport, maar om gewone dagelijkse bezigheden in werk en vrije tijd van gewone mensen. De primaire vraag was daar dan ook niet: Hoe krijg je een topatleet 0,01 seconde eerder over de finish? Maar wel: Hoe houd je de gemiddelde krakkemikkige medeburger een jaar of wat langer uit de WAO?

En het gekke is: bij die WAO-benadering blijkt veel gangbare biomechanische theorie opeens uiterst discutabel en bij nadere technische beschouwing zelfs volstrekt ongelooflijk.

Zie sterk of slim.


Hoewel

In dit hoofdstuk worden een aantal valkuilen beschreven
en hoe die te omzeilen.

de grootste last..

biomechanica